lokvoer en gebruik

Voeder... Menige conversaties tussen hengelaars gaan over dit onderwerp, iedere visser heeft zo wel zijn eigen voorkeur van lokaas. Onderaan deze pagina vind je enkele samenstellingen met vooral kant en klaar "fabrieksvoer" Deze voeders zijn in gebruik een enorm voordeel omdat al deze lokazen zijn samengesteld door vissers die weten "waar de klepel hangt". Ze zijn het werk van soms jarenlang proberen en aanpassen om toch maar het perfecte te benaderen. En geloof het maar, indien goed gebruikt zorgen deze voeders voor de nodige vissen in het net. Waarom dan bv. 3 verschillende zakken samenvoegen? Door het mengen van verschillende voeders kan men een voeder lichter, zoeter, zwaarder, enz. maken. En als men er succes mee heeft, waarom ook niet?

Maar het belangrijkste is natuurlijk het bereiden van het lokaas. Daarom hieronder enkele tips.

 

 

 

 

 

 

 

 

Licht of donker? Op waters waar veel roofvis zit kan deze door het gebruik van lichtkleurig voer tijdens de wintermaanden (helder water) aangetrokken voelen met alle gevolgen vandien. (zeker op donkere bodem)  Veel fabricanten spelen daar op in door het uitbrengen van zwarte voeders zoals bv. bio-mix zwart, black bream, enz. Tijdens de zomermaanden als de vis goed op dreef is valt een lichte voerplek op donkere bodem goed op wat ze goed aantrekt, maar door troebeler water, waterplanten enzo valt dit minder op voor roofvis. In de handel zijn eveneens kleurstoffen te verkrijgen om je voer een passend kleurtje te geven. Van opvallend rood naar knalgeel tot zwart voor bv. de wintermaanden, keuze genoeg.

Warm of koud water? Het gebruik van warm (lees: heet) water geeft vooral gunstige werking bij voeders voor grotere vissen zoals brasem en karper. Door het hete water nemen voerbestanddelen zoals zaden en afgeleide daarvan meer vocht op wat ze meer doet zwellen waardoor het voer luchtiger wordt. Gebruik wel een lepel om het te mengen! Best is het voer enkel de eerste keer met heet water nat te maken en vervolgens enkele uren of een nacht te laten rusten waarna men het verder bevochtigt tot men het ideale voertje heeft.

Zeven? Door het zeven zorg je voor een betere vochtverdeling in het voer. Ten tweede zorg je voor een luchtiger voer en een beter werkend voer. Best is het het voeder een keer of twee te zeven met tussenin een kleine rustpauze. Bovendien verpulver je zo de grote brokken die voor een eventuele verzadiging van de vis kunnen zotgen.

Toevoegingen? In de handel is er een enorme diversiteit aan additieven te bekomen. Deze moeten ervoor zorgen dat je voer net iets beter wordt, de vis net iets langer op de stek blijft en toch blijft azen. Het moet als het ware het effect geven van iets enorm lekkers, de figuurlijke kers op de taart. Deze middelen zijn dikwijls jaren getest en verbeterd. Overdrijf echter niet met deze geur en smaakstoffen. Voor brasem is zoet lekker, maar te zoet: bah. Hou er ook rekening mee dat in veel voeders al van deze producten in verwerkt worden en overdaad schaadt. En bovenal dat een wondermiddel niet bestaat. Zo zijn er veel soorten appetizers te verkrijgen, elk voermerk heeft er wel enkele en als je daarin je goesting niet vindt zijn er nog altijd deze gebruikt in de karpervisserij. Probeer ze eens te combineren, appetizer + zoetstof + flavour (bv. banaan, maplecream, enz.) Gebruik wel minder of de aangegeven dosering voor bv. boillies daar deze veel van hun additieven verliezen bij het koken. In plaats van flavours kan je ook de liquides gebruiken, welke je in het water doet om je voer aan te maken

levend voer? Naast het lokvoer kan je eveneens levend voer voederen. Losgemaakte kleine muggenlarven kunnen voor dat extra zorgen. Ook kan je je amorce rechtstreeks bij je voer doen. Waar het niet mag gebruikt worden kunnen regelmatig bijgeschoten of gecupte maden, casters, balletjes voer met geknipte pieren een groot verschil uitmaken. Hou eveneens rekening met de periode, minder in de winter, meer in de zomer. Ook is het regelmatig voeren van dat extra levend voer goed om de vis "aan de klap" te houden. Extra tips: gedoodde maden kruipen niet weg over de bodem en blijven mooi op je voerplaats liggen, wat casters in je voer kapotgenepen blijken dikwijls een meerwaarde. 

niet levend voer? Je kan ook enkele korrels mais (platgeknepen heeft bij veel vissers voorkeur), erwten, pellets, enz. toevoegen. Dan kan je hierop ook makkelijker terugvallen op gebied van haakaas.

waar voederen? Men mag nog het beste, lekkerste, meest werkende voeder hebben, als je niet juist voedert kan je hele visdag een fiasco worden. Als de vis bv. ver over je voeder gevangen moet worden bij bv. voorzichtig azen op het seizoenseinde voer je wat korter onder de top, zo kan je toch een heel eind over je voederplaats vissen. Ook stroming en zeker onderstroming hebben invloed op je voeder, als je niet oplet lig je misschien enkele meters naast je voederplek te vissen. Ook in water met steil afgaande bodem plaats je je voeder korterbij om te vermijden dat de azende vis verder ligt. Geloof me, het is frustrerend een plakaat bellen te zien enkele meters voor je stok waar je met de beste wil van de wereld niet aan kan.

Heb je tips over voeder, aas, materiaal, enz. laat het ons weten.

brasem brasem brasem brasem
500gr bingo 1kg turnawts brasemke 1kg bio mix 1kg bio-mix
500gr sprint 500gr bc collant 500gr bingo 500gr bc collant
500gr tropic 250gr koekjes 500gr sprint 500gr koekjesmeel
1 blikje mais gemixt
brasem brasem
1kg biomix 1kg Nulens brasem
500gr vijver geel 500gr vijver geel
250 ttx nat om te bevochtigen 500 gr koekjesmeel

 

 

 

 

 

 

Rijk of arm voeder? Tijdens de wintermaanden, bij koude watertemperaturen, liggen vissen dikwijls lam tegen de bodem aan en azen ze zelden, mede door de mindere stofwisseling. Als ze dan azen, hebben ze veel minder voedsel nodig dan in de zomermaanden waar ze veel meer energie verbruiken. Het gebruik van rijk voer zorgt ervoor dat ze vlug verzadigd raken. Door het toevoegen van armere samenstellingen of bv. leem ga je dit tegen. Anders is het gesteld in de zomermaanden wanneer de vissen op hun aktiefst zijn. Veelal krijg je bij het brasemvissen een school op je plek en eenmaal die aan het vreten gaan is je stek vlug leeggevreten. Ook de vissoorten waar je naar vist spelen een rol, zo zal voer voor karper veel grover zijn dan voer voor bv. voorn.  Bijkomend zal je tijdens de zomermaanden omdat de vis dan normaal gezien meer op dreef is meer voederen dan 's winters.